Story

Design Dieren: Verbeelding als eerste stap naar biodiversiteit in de stad

Op zaterdag 15 juni werd het dak van het NEMO Science Museum omgetoverd tot een fantasierijke ontwerpstudio, waar jong en oud leefruimtes ontwierpen voor planten en dieren. De workshop ‘Design Dieren’ nodigde bezoekers uit om zich letterlijk in te leven in een andere soort — een bij, een vleermuis, een stukje mos of zelfs een zeehond — en van daaruit de stad opnieuw te verbeelden.

Op zaterdag 15 juni werd het dak van het NEMO Science Museum omgetoverd tot een fantasierijke ontwerpstudio, waar jong en oud leefruimtes ontwierpen voor planten en dieren. De workshop ‘Design Dieren’ nodigde bezoekers uit om zich letterlijk in te leven in een andere soort — een bij, een vleermuis, een stukje mos of zelfs een zeehond — en van daaruit de stad opnieuw te verbeelden.

In deze creatieve en speelse sessie bouwden bezoekers (jong en oud) aan schuilplekken, tuinen en droomplekken voor niet-menselijke stadsbewoners. Door letterlijk in de leefwereld van een ander te stappen, ontstonden gesprekken over biodiversiteit, co-existentie en hoe de stad er ook uit zou kunnen zien. De workshop werd ontwikkeld in samenwerking met de Hogeschool van Amsterdam als onderdeel van de ToekomstTiendaagse voor Amsterdam 750.

Andy Dockett, onderzoeker en art director bij het lectoraat Visual Methodologies van de Hogeschool van Amsterdam en mede-initiatiefnemer van het event vertelt:

📷 Andy Dockett

“We vroegen bezoekers om eens in de huid te kruipen van een bij, vos of schimmel en zo de stad opnieuw te ontwerpen.”

Andy Dockett
Art director bij het lectoraat Visual Methodologies (HvA)

“Door die verbeelding ontstaat ruimte voor nieuwe gesprekken over biodiversiteit, klimaat en samenleven.”

Wat gebeurde er precies op 15 juni bij NEMO?
“Het dak van NEMO werd een creatieve ontmoetingsplek. Bezoekers kozen een dier of plant waarmee ze zich verbonden voelden — denk aan bijen, vossen, mos, maar ook zeehonden of vleermuizen — en ontwierpen vervolgens een leefruimte voor die soort. Het was een kleurrijke mix van tekenen, bouwen en fantaseren, met als doel om de stad te overdenken en te verbeelden, niet alleen voor mensen, maar ook voor alles wat leeft.”

Wat zat er achter het idee om ‘voor andere soorten’ te ontwerpen?
“We wilden mensen uitnodigen om in de huid te kruipen van een ander organisme: een slak, een vlinder, een stukje schimmel. Vanuit die blik leer je anders te kijken naar je omgeving. Wat heeft een vos eigenlijk nodig in een stad? Hoe zou een dak aantrekkelijk kunnen zijn voor mossen? Door die verbeelding ontstaat ruimte voor nieuwe gesprekken over biodiversiteit, klimaat en samenleven.”

Hoe gingen mensen hiermee aan de slag?
“Iedere deelnemer kreeg een kaartje met een soort erop. Vervolgens gingen ze tekenen en bouwen — er ontstonden nesten, ondergrondse gangen, waterinstallaties en zelfs schimmelverlichting! Aan het eind hingen alle ontwerpen op ons ‘ideeënbord’, waardoor het dak veranderde in een galerie van denkbeeldige ecologieën.”

Wat voor reacties kreeg je?
“Ongelooflijk positief. Ouders vertelden hoe diep hun kinderen begonnen na te denken over natuur. Maar ook volwassenen gingen helemaal op in het ontwerpen. Juist die intergenerationele interactie was prachtig om te zien. Er ontstonden gesprekken over samenleven met andere soorten, over ruimte, zorg en zelfs politiek. Precies wat we hoopten.”

Wat is het grotere verhaal achter deze workshop?
“Als we écht werk willen maken van uitdagingen als klimaatverandering en biodiversiteitsverlies, hebben we nieuwe soorten ruimtes nodig waar mensen kunnen verbeelden, maken en praten over een andere toekomst. Design Dieren is zo’n ruimte. Het is laagdrempelig, speels, maar raakt aan grote thema’s.”

Wie zat er allemaal achter dit initiatief?
“De workshop werd ontwikkeld door het lectoraat Visual Methodologies, onder leiding van Sabine Niederer en mijzelf, in samenwerking met studenten van de Minor Makers Lab van de Hogeschool van Amsterdam. We werkten op uitnodiging van het Centre of Expertise Creative Innovation (CoE CI) en als onderdeel van de ToekomstTiendaagse Amsterdam 750 jaar.”

En wat nu?
“We willen dit format verder brengen: naar scholen, festivals, buurthuizen. Overal waar mensen samenkomen om over de toekomst na te denken. Het ideeënbord is nog lang niet vol en en het gesprek begint pas net.”


Wil je meer informatie, heb je vragen of wil je met ons samenwerken?

Neem contact met ons op.

Gerelateerd